ECLI:NL:RBDHA:2023:4116
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid na herbeoordeling
Eiser, werkzaam als schoonmaker, vroeg een WIA-uitkering aan na ziekmelding in 2020. Het UWV voerde een herbeoordeling uit en concludeerde dat eiser minder dan 35% arbeidsongeschikt is, waardoor hij geen recht heeft op een WIA-uitkering. Eiser betwist dit en stelt dat onvoldoende rekening is gehouden met zijn rugklachten, slaapapneu, astma en medicatiegebruik.
De rechtbank oordeelt dat het medisch onderzoek door de verzekeringsarts zorgvuldig en gemotiveerd is uitgevoerd, waarbij alle klachten zijn betrokken. De verzekeringsarts heeft geen ernstige bewegingsbeperkingen of zenuwbeknelling vastgesteld en heeft de rugklachten passend beoordeeld. Ook is het protocol Aspecifieke Lage Rugpijn correct toegepast. De klachten aan longen en slaapapneu zijn adequaat meegenomen, en er is geen medische noodzaak voor urenbeperking of energetische beperkingen vastgesteld.
De arbeidsdeskundige concludeert dat eiser niet geschikt is voor zijn eigen werk, maar wel voor andere functies die hij voor minstens 74,85% kan uitvoeren. De rechtbank vindt het UWV voldoende gemotiveerd en verklaart het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter S.E.C. Debets op 27 maart 2023.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het UWV-besluit tot afwijzing van de WIA-uitkering wordt bevestigd.