Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 19 maart 2022. Tijdens de procedure heeft de staatssecretaris bij besluit van 7 december 2022 de asielaanvraag ingewilligd. Naar aanleiding hiervan heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming door het bestuursorgaan, de rechtbank het bestuursorgaan kan veroordelen in de proceskosten. Gezien de niet tijdige beslissing en de volledige tegemoetkoming door de staatssecretaris wordt het verzoek tot proceskostenvergoeding als kennelijk gegrond toegewezen.
De proceskosten worden vastgesteld op €418,50, gebaseerd op één punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde van €837 en een wegingsfactor van 0,5 vanwege de lichte aard van het beroep. De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van dit bedrag aan verzoeker.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van €418,50 aan proceskosten wegens niet tijdig beslissen op de asielaanvraag.