Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker diende op 19 mei 2022 een beroep in tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 25 oktober 2021. De rechtbank verklaarde dit beroep op 13 juli 2022 gegrond en gaf de staatssecretaris acht weken om een besluit te nemen. Ondanks deze termijn werd het besluit niet tijdig genomen. Op 29 september 2022 stelde verzoeker een nieuw beroep in tegen het niet-tijdig beslissen.
Bij besluit van 21 december 2022 werd de asielaanvraag van verzoeker alsnog ingewilligd. Hierop trok verzoeker het beroep in en verzocht om vergoeding van de proceskosten. De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris geheel aan het beroep tegemoet was gekomen en kende de proceskosten toe.
De proceskosten werden vastgesteld op €418,50, gebaseerd op een puntensysteem uit het Besluit proceskosten bestuursrecht, met een wegingsfactor 'licht' vanwege de beperkte aard van het beroep. De uitspraak werd gedaan door rechter E.F. Bethlehem en griffier N.F. Kreeftmeijer, zonder zitting.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van €418,50 aan proceskosten aan verzoeker.