ECLI:NL:RBDHA:2023:42
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening kinderopvangtoeslag wegens ontbreken spoedeisend belang
Verzoekster heeft een aanvullende schadevergoeding ontvangen wegens fouten bij de kinderopvangtoeslag, maar vindt dit onvoldoende en verzoekt om een voorlopige voorziening vanwege dreigende huisuitzetting.
De voorzieningenrechter overweegt dat een voorlopige voorziening alleen wordt toegekend bij onverwijlde spoed, wat bij financiële geschillen niet snel wordt aangenomen. Hoewel er conservatoir beslag op het huis rust en verzoekster als bestuurder wordt aangesproken in een faillissement, is nog onzeker of dit zal leiden tot huisuitzetting.
De rechter acht het spoedeisend belang niet aanwezig en wijst het verzoek af. Tevens is een dwangsom niet toepasselijk omdat het niet gaat om het uitblijven van een besluit. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.