ECLI:NL:RBDHA:2023:4416
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij vertrek asielzoeker
Eiser, van Gambiaanse nationaliteit, had een aanvraag tot verblijfsvergunning asiel ingediend die door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling werd genomen vanwege de Dublinverordening, waarbij Italië verantwoordelijk wordt geacht voor de asielprocedure.
De rechtbank behandelde het beroep samen met een andere zaak, waarbij eiser en zijn gemachtigde niet verschenen. De vreemdelingenpolitie meldde dat eiser met onbekende bestemming was vertrokken, en de gemachtigde gaf aan geen contact meer met eiser te hebben.
Volgens vaste rechtspraak wordt aangenomen dat een vreemdeling die zonder contact te onderhouden vertrekt, geen prijs meer stelt op bescherming in Nederland. De rechtbank concludeerde dat eiser geen rechtens te beschermen belang meer heeft bij de beoordeling van zijn beroep en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang omdat hij met onbekende bestemming is vertrokken.