Uitspraak
Gezagsuitoefening
Beschikking op het op 17 oktober 2022 ingekomen verzoek van:
[X] ,
[Y] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het verweerschrift;
Rechtbank Den Haag
De moeder verzocht op grond van artikel 1:253a BW vervangende toestemming om met haar minderjarige kinderen te verhuizen van hun huidige woonplaats naar een andere plaats, en tevens wijziging van de zorgregeling. De vader stemde niet in met de verhuizing en wijziging van de zorgregeling.
De rechtbank oordeelde dat de moeder een gerechtvaardigd belang had bij de verhuizing, mede vanwege haar huwelijk en gezamenlijke woonplaats met haar nieuwe echtgenoot, en dat de gevolgen van de verhuizing voor de kinderen en de vader voldoende konden worden verzacht. Daarom werd de vervangende toestemming voor verhuizing verleend.
Het verzoek tot wijziging van de zorgregeling werd afgewezen omdat het niet in het belang van de kinderen werd geacht om naast de verhuizing ook de zorgregeling te wijzigen. De rechtbank stelde dat de kinderen eerst aan de nieuwe situatie moeten wennen en dat eventuele aanpassing van de zorgregeling later kan worden besproken. De proceskosten werden gecompenseerd tussen partijen.
Uitkomst: De moeder krijgt vervangende toestemming om met de kinderen te verhuizen, het verzoek tot wijziging van de zorgregeling wordt afgewezen.