ECLI:NL:RBDHA:2023:4674

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
29 maart 2023
Publicatiedatum
4 april 2023
Zaaknummer
NL22.26280
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • B.F.Th. de Roos
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:75 AwbArt. 8:75a AwbBesluit proceskosten bestuursrecht
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling staatssecretaris in proceskosten wegens niet tijdig beslissen mvv-nareis

Verzoekster heeft op 22 december 2022 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor nareis. Op 13 maart 2023 heeft de staatssecretaris bericht dat de Nederlandse ambassade in Islamabad gemachtigd is om de mvv aan verzoekster en haar minderjarige kinderen te verstrekken. Hierop heeft verzoekster het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de proceskosten.

De rechtbank overweegt dat de veroordeling in proceskosten geregeld is in de Awb en het Bpb. Omdat het bestuursorgaan alsnog aan het beroep tegemoet is gekomen door de aanvraag in te willigen, is het verzoek tot proceskostenvergoeding kennelijk gegrond. De rechtbank stelt de proceskosten vast op €418,50, gebaseerd op een puntensysteem met een wegingsfactor 'licht', omdat het beroep alleen betrekking had op het niet tijdig beslissen.

De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van deze proceskosten aan verzoekster. De uitspraak is gedaan door rechter B.F.Th. de Roos en openbaar gemaakt op 4 april 2023.

Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van €418,50 aan proceskosten wegens niet tijdig beslissen op de mvv-aanvraag.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL22.26280

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam 3], verzoekster

V-nummer: [nummer 1]
mede namens haar minderjarige kinderen
[naam 1], V-nummer [nummer 2] en
[naam 2], V-nummer [nummer]
(gemachtigde: mr. M.H. Steenbergen),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Verzoekster heeft op 22 december 2022 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar aanvraag voor een mvv [1] nareis.
Bij brief van 13 maart 2023 heeft verweerder bericht dat hij de Nederlandse ambassade in Islamabad heeft gemachtigd om een mvv aan verzoekster en haar kinderen te verstrekken.
Verzoekster heeft vervolgens het beroep ingetrokken en daarbij verzocht om verweerder te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb [2] uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. De veroordeling van een partij in de proceskosten is geregeld in de artikelen 8:75 en 8:75a van de Awb en nader uitgewerkt in het Bpb [3] . Als een beroep wordt ingetrokken, omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoet gekomen, kan de rechtbank op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten. Dit is geregeld in artikel 8:75a van de Awb.
2. Nu verweerder niet binnen de hiervoor geldende termijn op de aanvraag van verzoekster heeft besloten en deze aanvraag hangende een beroep tegen het niet tijdig beslissen heeft ingewilligd, is verweerder geheel aan het beroep van verzoekster tegemoetgekomen.
3. Het verzoek wordt als kennelijk gegrond toegewezen. De rechtbank veroordeelt verweerder in de door verzoekster gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Bpb voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 418,50 (1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 837 met een wegingsfactor 0,5). De rechtbank is van oordeel dat de wegingsfactor ‘licht’ van toepassing is aangezien het beroep alleen ziet op het niet tijdig nemen van een besluit.

Beslissing

De rechtbank:
 veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 418,50 (vierhonderdachttien euro en vijftig cent).
Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van N.A. D’Hoore, griffier, openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.machtiging tot voorlopig verblijf.
2.Algemene wet bestuursrecht.
3.Besluit proceskosten bestuursrecht.