ECLI:NL:RBDHA:2023:4803
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardig asielrelaas en onvoldoende aannemelijkheid seksuele gerichtheid
Eiser, een asielzoeker uit Sierra Leone, diende een asielaanvraag in op grond van zijn seksuele gerichtheid. Verweerder achtte de identiteit en herkomst geloofwaardig, maar vond het asielrelaas over de seksuele gerichtheid ongeloofwaardig en onvoldoende gedetailleerd. Ook achtte verweerder geen sprake van een reëel risico bij terugkeer naar Sierra Leone in strijd met artikel 3 EVRM Pro.
Eiser stelde dat hij door een laag IQ en taalachterstand niet in staat was zijn verhaal goed te vertellen en dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn culturele achtergrond en persoonlijke omstandigheden. Hij verwees naar een medisch rapport en stelde dat het gehoor niet zorgvuldig was verlopen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende rekening had gehouden met de beperkingen van eiser en dat het medisch onderzoek en het gehoor adequaat waren. De verklaringen van eiser waren summier en algemeen en boden onvoldoende inzicht in zijn persoonlijke beleving. Ook was onvoldoende onderbouwd dat hij bij terugkeer een reëel risico liep op een schending van artikel 3 EVRM Pro.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit tot afwijzing van de asielaanvraag bevestigd. Daarnaast was het beroep tegen het aanvullende terugkeerbesluit niet ontvankelijk omdat dit niet in het oorspronkelijke besluit was opgenomen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardig asielrelaas en onvoldoende aannemelijkheid van het risico bij terugkeer.