Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De eiser, een Marokkaanse nationaliteit dragende vreemdeling, werd op 21 februari 2023 door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel werd opgelegd wegens risico op onttrekking aan toezicht en met verwijzing naar zware en lichte gronden zoals het niet opvolgen van een vertrekbevel en het ontbreken van vaste woon- of verblijfplaats.
Eiser stelde beroep in tegen het besluit en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank behandelde het beroep op 6 maart 2023. De rechtbank oordeelde dat de door verweerder aangevoerde zware gronden feitelijk juist en voldoende gemotiveerd waren en dat deze gronden de maatregel van bewaring konden dragen. De betwisting van de lichte gronden, met name het ontbreken van een vaste woon- of verblijfplaats, werd niet als doorslaggevend beschouwd.
De rechtbank voerde tevens een ambtshalve toetsing uit en concludeerde dat de maatregel tot het moment van sluiting van het onderzoek niet onrechtmatig was. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na bekendmaking.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.