ECLI:NL:RBDHA:2023:5039
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over openbaarmaking accountantsverslag 2019 onder Wob
Eiser verzocht de openbaarmaking van het accountantsverslag over het boekjaar 2019 van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Verweerder weigerde aanvankelijk het verslag openbaar te maken, maar stelde dit later alsnog beschikbaar. Eiser maakte bezwaar tegen het besluit en stelde dat verweerder het verslag direct met een passende toelichting had moeten publiceren en dat de Wet op het notarisambt (Wna) niet werd nageleefd.
De rechtbank oordeelde dat de accountantsverklaring inmiddels openbaar is gemaakt en dat de Wna niet in deze bestuursrechtelijke procedure kan worden getoetst. Ook werd geoordeeld dat de standaardonderschriften in e-mails het openbaar maken niet beperken. Verweerder was niet verplicht om een toelichting te geven bij de openbaarmaking.
Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard, waarmee het bestreden besluit in stand bleef. De rechtbank wees proceskostenveroordelingen af, omdat het aantal procedures van eiser onvoldoende aanleiding gaf en het niet evident was dat zijn verzoeken geen kans van slagen hadden.
De uitspraak benadrukt dat de Wet open overheid (Woo) sinds 1 mei 2022 de Wob heeft vervangen, maar dat voor besluiten genomen onder de Wob deze wet als toetsingskader geldt.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.