ECLI:NL:RBDHA:2023:5077
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Frankrijk op grond van Dublinverordening
Eiser, met de Gambiaanse nationaliteit, diende op 26 september 2022 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris nam deze aanvraag niet in behandeling omdat uit Eurodac-gegevens bleek dat eiser op 27 oktober 2021 al een asielaanvraag in Frankrijk had ingediend. Op grond van de Dublinverordening werd Frankrijk verantwoordelijk geacht voor de behandeling van de aanvraag.
Eiser betoogde dat er een gecontroleerde overdracht moest plaatsvinden en uitte zorgen over zijn toekomst, met de wens in Nederland te blijven. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende motiveerde waarom hij zelfstandig naar Frankrijk wilde reizen en dat zijn angst en wens niet voldoende waren om de aanvraag toch in behandeling te nemen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.