ECLI:NL:RBDHA:2023:5093

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
12 april 2023
Publicatiedatum
12 april 2023
Zaaknummer
NL22.17700
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 6:20 Awb
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens inwilliging asielaanvraag na niet-tijdig beslissen

Eiser heeft op 6 september 2022 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 21 november 2021. Vervolgens heeft verweerder bij besluit van 6 januari 2023 de asielaanvraag van eiser ingewilligd. Hierdoor is het beroep tegen het niet-tijdig beslissen feitelijk komen te vervallen, waardoor eiser geen procesbelang meer heeft voor dat onderdeel van het beroep.

De rechtbank verklaart het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Wel overweegt de rechtbank dat eiser vanwege het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag gerechtigd was om beroep in te stellen, en veroordeelt verweerder daarom in de proceskosten van eiser. De proceskosten worden vastgesteld op €418,50, gebaseerd op een punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde van €837,-, vermenigvuldigd met een lichte wegingsfactor van 0,5.

De rechtbank motiveert de lichte wegingsfactor door het feit dat het beroep uitsluitend ziet op het niet tijdig nemen van een besluit. De uitspraak is gedaan door rechter C.H. de Groot en griffier A.J. Kinds, en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.

Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen is niet-ontvankelijk verklaard en verweerder is veroordeeld tot betaling van proceskosten van €418,50.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL22.17700

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam] eiser

geboren op [geboortedag]
van Syrische nationaliteit,
v-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. F.H. Gart),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Eiser heeft op 6 september 2022 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 21 november 2021.
Bij besluit van 6 januari 2023 heeft verweerder de asielaanvraag van eiser ingewilligd.
Desgevraagd heeft eiser meegedeeld het beroep te handhaven voor wat betreft de proceskosten.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting

Overwegingen

1. Voor zover het beroep is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit op eisers asielaanvraag, dient te worden vastgesteld dat met de inwilliging van deze aanvraag aan het beroep is tegemoetgekomen zodat eiser gelet op artikel 6:20, derde lid, van de Awb in zoverre geen procesbelang meer heeft.
2. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.
3. Omdat eiser vanwege het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag beroep heeft kunnen instellen, ziet de rechtbank aanleiding om verweerder te veroordelen in de door eiser gemaakte proceskosten.
Deze kosten worden op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vastgesteld op € 418,50 bestaande uit een punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde van € 837,- en vermenigvuldigd met wegingsfactor 0,5 (licht). De rechtbank is van oordeel dat de wegingsfactor ‘licht’ van toepassing is omdat het beroep alleen ziet op het niet tijdig nemen van een besluit.

Beslissing

De rechtbank:
- verklaart het beroep niet-ontvankelijk;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 418,50.
Deze uitspraak is gedaan door mr. C.H. de Groot, rechter, in aanwezigheid van A.J. Kinds, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is openbaar gemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.