ECLI:NL:RBDHA:2023:5241
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag van dove vrouw uit Moldavië wegens onvoldoende bewijs van ernstige discriminatie en gevaar
Eiseres, een dove vrouw uit Moldavië, vroeg asiel aan in Nederland vanwege discriminatie, mishandeling door haar ex-partner en de onveilige situatie in Moldavië mede door de oorlog in Oekraïne. De staatssecretaris wees haar aanvraag af en ook de rechtbank oordeelde dat zij onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij in Moldavië zo ernstig werd beperkt dat zij niet kon functioneren.
De rechtbank stelde vast dat eiseres niet alleen doof is maar ook analfabeet, en dat het niet naar school gaan in haar jeugd niet door haar beperking kwam maar door haar moeder. Ook was zij in Moldavië in staat een identiteitskaart en paspoort te verkrijgen en had zij een dak boven haar hoofd. De rechtbank vond dat eiseres onvoldoende had onderbouwd dat zij geen hulp of bescherming kon krijgen van Moldavische instanties.
Verder was er geen bewijs dat zij bij terugkeer gevaar loopt door haar ex-partner, aangezien er geen contact meer is en geen bewijs dat Moldavische autoriteiten geen bescherming bieden. De vrees voor verslechtering door de oorlog in Oekraïne werd als onzeker en toekomstig beoordeeld. Ook de bijzondere afhankelijkheid van haar huidige partner in Nederland gaf geen grond voor verblijfsvergunning. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en proceskosten werden niet toegekend.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.