Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 837,00.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris niet in behandeling is genomen omdat Italië verantwoordelijk is voor de asielprocedure volgens de Dublin-verordening.
Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 28 maart 2023, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde niet aanwezig waren.
Gezien de uitspraak in de bodemzaak (zaaknummer NL23.6051) achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wees het verzoek af. Wel werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de door verzoeker gemaakte proceskosten van € 837,00.
De uitspraak werd gedaan op 6 april 2023 door mr. L.A. Banga, voorzieningenrechter, en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten.