De rechtbank Den Haag heeft op 17 april 2023 een beschikking gegeven inzake de voorlopige ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen, geboren in 2021 en 2022. De kinderen verblijven respectievelijk in een pleeggezin en een ziekenhuis vanwege ernstig hersenletsel van het jongste kind. De ouders zijn gehuwd en gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag.
De kinderrechter oordeelt dat het dringend en onverwijld noodzakelijk is de kinderen voorlopig onder toezicht te stellen en uit huis te plaatsen, gelet op ernstige zorgen over hun fysieke veiligheid in de thuissituatie. Het letsel van het jongste kind is onduidelijk ontstaan en hij verkeert in comateuze toestand zonder verbetering. Veiligheidsafspraken met de ouders zijn niet mogelijk, waardoor de veiligheid van het andere kind niet gegarandeerd kan worden.
De beschikking machtigt de gecertificeerde instelling tot uithuisplaatsing van de kinderen in een pleegzorgvoorziening en een ziekenhuis voor de duur van de voorlopige ondertoezichtstelling, die loopt tot 27 april 2023. De behandeling van het verzoek wordt aangehouden tot een zitting op 25 april 2023, waarbij de Raad voor de Kinderbescherming, de ouders en de gecertificeerde instelling worden opgeroepen. Tegen deze beschikking kan binnen drie maanden hoger beroep worden ingesteld.