ECLI:NL:RBDHA:2023:5533
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens inwilliging aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf
Eiseres diende een aanvraag in voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) als familie- of gezinslid in het kader van nareis. Na het niet tijdig beslissen op deze aanvraag stelde eiseres de staatssecretaris in gebreke en stelde vervolgens beroep in tegen het uitblijven van een besluit.
De staatssecretaris heeft de aanvraag uiteindelijk ingewilligd, waardoor het beroep tegen het niet tijdig beslissen feitelijk is komen te vervallen. De rechtbank oordeelt dat eiseres hierdoor geen procesbelang meer heeft bij het beroep en verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Wel veroordeelt de rechtbank de staatssecretaris tot vergoeding van de door eiseres gemaakte proceskosten, vastgesteld op €418,50, omdat eiseres door het niet tijdig beslissen gerechtigd was beroep in te stellen. De rechtbank wijst erop dat eiseres vrijgesteld is van griffierecht wegens betalingsonmacht, zodat de staatssecretaris dit niet hoeft te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen is niet-ontvankelijk verklaard en de staatssecretaris is veroordeeld tot betaling van proceskosten van €418,50.