ECLI:NL:RBDHA:2023:5633
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen handhaving SO2-emissienorm Activiteitenbesluit
Verzoekster exploiteert een inrichting voor de productie van carbon black waarbij restgas wordt gezuiverd in twee verbrandingsinstallaties. Het college stelde vast dat de SO2-emissies van deze installaties de norm overschrijden en legde een last onder dwangsom op. Verzoekster betwist dat de installaties als stookinstallaties kwalificeren en stelt dat het naverbranders zijn die bedoeld zijn voor zuivering van afgas met terugwinning van warmte.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de installaties niet onder de definitie van naverbranders vallen zoals opgenomen in het Uitvoeringsbesluit. De motivering van het college dat de installaties hoofdzakelijk zijn ontworpen voor stoomproductie en dat concessies zijn gedaan aan volledige verbranding, wordt niet gevolgd. De voorzieningenrechter acht aannemelijk dat de installaties zijn ontworpen voor zuivering van restgas met terugwinning van warmte.
Gezien de verzwaarde motiveringsplicht bij afwijking van het advies van de bezwarencommissie en de onomkeerbare investeringen die verzoekster moet doen, bestaat gerede twijfel over de rechtmatigheid van het bestreden besluit. Daarom wordt het verzoek tot voorlopige voorziening toegewezen en het besluit geschorst tot uitspraak op het beroep. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan verzoekster.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt toegewezen en het handhavingsbesluit wordt geschorst tot uitspraak op het beroep.