Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser kreeg op 3 april 2023 een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 in het kader van het grensbewakingsbelang. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om schadevergoeding. De maatregel werd op 10 april 2023 opgeheven, waarna de rechtbank de zaak schriftelijk behandelde.
De rechtbank beoordeelde of de tenuitvoerlegging van de maatregel voorafgaand aan de opheffing onrechtmatig was. Eiser voerde aan dat de maatregel onevenredig bezwarend was vanwege zijn goed gedocumenteerde asielaanvraag, medische problemen en bedreigingen vanwege zijn transseksualiteit. De rechtbank oordeelde dat verweerder het grensbewakingsbelang terecht zwaarder heeft laten wegen en dat eiser zijn medische problemen niet kenbaar had gemaakt tijdens het asielproces.
Verweerder had eiser voldoende gelegenheid gegeven om bijzondere omstandigheden aan te voeren en voldeed aan zijn onderzoekplicht. Er was geen aanleiding voor een lichtere maatregel. Omdat de maatregel niet onrechtmatig was, werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.