ECLI:NL:RBDHA:2023:5875
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens eerdere uitspraak over aanvullende beurs en ouderinkomen
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap waarin het verzoek om bij de vaststelling van de aanvullende beurs voor 2020 geen rekening te houden met het inkomen van zijn vader werd afgewezen.
De rechtbank heeft echter vastgesteld dat zij reeds bij uitspraak van 2 maart 2022 een oordeel heeft gegeven over een vergelijkbaar beroep van eiser over hetzelfde onderwerp en tijdvak. Deze eerdere uitspraak is in rechte vaststaand omdat er geen hoger beroep is ingesteld.
De rechtbank oordeelt dat het beginsel van ne bis in idem (niet tweemaal over hetzelfde geschil) geldt, waardoor zij niet opnieuw kan oordelen over de hoogte van de aanvullende beurs over 2020. Hierdoor heeft eiser geen belang bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en draagt de verweerder op het door eiser betaalde griffierecht te vergoeden, omdat verweerder had moeten opmerken dat het bestreden besluit betrekking heeft op dezelfde rechtsvraag en periode als de eerdere procedure.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de rechtbank reeds eerder over hetzelfde geschil heeft geoordeeld.