Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Marokkaanse vreemdeling, is op grond van de Vreemdelingenwet 2000 in bewaring gesteld vanwege het risico dat hij zich aan het toezicht op vreemdelingen zou onttrekken.
Eiser betwistte één zware grond (3d) voor bewaring, namelijk onvoldoende medewerking aan vaststelling identiteit, maar erkent de overige gronden. Hij voerde aan dat zijn identiteit inmiddels is vastgesteld met een laissez-passer en dat de maatregel onevenredig bezwarend is vanwege zijn psychische en medische klachten, alsmede zijn wens bij familie te verblijven.
De rechtbank oordeelt dat de overige gronden voldoende zijn om de bewaring te dragen en dat verweerder terecht geen lichter middel heeft toegepast. De medische klachten en persoonlijke omstandigheden van eiser rechtvaardigen geen andere maatregel. Ook de vrees voor terugkeer naar Marokko wordt in deze procedure niet beoordeeld.
De rechtbank toetst ambtshalve de rechtmatigheid van de maatregel en vindt deze niet onrechtmatig. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.