Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 7 februari 2022. Verweerder heeft op 14 oktober 2022 het asielverzoek ingewilligd, waardoor het beroep tegen het niet tijdig beslissen feitelijk is komen te vervallen.
De rechtbank oordeelt dat het beroep wegens het ontbreken van een procesbelang niet-ontvankelijk is. De rechtbank stelt vast dat eiseres wel recht had op het instellen van beroep tegen het niet tijdig beslissen, maar dat dit belang nu is weggevallen door de inwilliging van de aanvraag.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder tot vergoeding van de door eiseres gemaakte proceskosten. De hoogte van de proceskosten wordt vastgesteld op €418,50, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht en de toepasselijke wegingsfactor voor lichte zaken.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar bekendgemaakt op 19 april 2023 door rechter E.F. Bethlehem.