Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser V-nummer: [v-nummer]
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) ten behoeve van zijn familieleden. Verweerder heeft de aanvraag uiteindelijk ingewilligd door de Nederlandse ambassade te Beiroet te machtigen, maar dit gebeurde na overschrijding van de beslistermijn.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat verweerder de beslistermijn heeft overschreden en eiser tijdig een ingebrekestelling heeft gedaan, waarna hij binnen twee weken beroep instelde. Hierdoor heeft eiser recht op een bestuurlijke dwangsom.
De rechtbank stelt de hoogte van de dwangsom vast op €857, verschuldigd over de periode van 15 december 2022 tot en met 12 januari 2023. Tevens veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten van eiser, vastgesteld op €418,50. Verweerder hoeft geen griffierecht te vergoeden omdat dit niet is geheven, wat niet leidt tot niet-ontvankelijkheid.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de bestuurlijke dwangsom vastgesteld op €857 en verweerder veroordeeld in de proceskosten van €418,50.