ECLI:NL:RBDHA:2023:6042
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure
Verzoeker heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is afgewezen als kennelijk ongegrond bij besluit van 24 maart 2023. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een verzoek tot voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 14 april 2023 behandeld. Verzoeker verscheen met gemachtigde en tolk, terwijl verweerder werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde. De rechtbank heeft op dezelfde dag uitspraak gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL23.9019), waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is.
Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.