ECLI:NL:RBDHA:2023:6096
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Machtiging tot uithuisplaatsing van minderjarige in gezinsgericht gezinshuis
De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering tot wijziging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige, geboren in 2016. De minderjarige verblijft feitelijk in een pleeggezin dat per 1 februari 2023 is omgezet naar een gezinshuis. De kinderrechter heeft eerder de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing verlengd tot 19 september 2023.
De gecertificeerde instelling verzoekt de machtiging aan te passen zodat de minderjarige gedurende dag en nacht in een gezinsgerichte voorziening kan verblijven. Dit is noodzakelijk vanwege een verzwaarde zorgvraag en gedragsmatige signalen passend bij trauma, die vragen om extra aandacht, structuur en deskundige opvoeding. De gezinshuisouders zijn bereid een opleiding te volgen om de zorg professioneel te kunnen bieden.
De moeder, belast met het ouderlijk gezag, stemt in met het verzoek en heeft een akkoordverklaring ondertekend. De Raad voor de Kinderbescherming heeft een onderzoek verricht dat het perspectief van de minderjarige onveranderd laat in het gezinshuis. De kinderrechter oordeelt dat de wettelijke gronden voor machtiging tot uithuisplaatsing aanwezig zijn en dat wijziging van de categorie noodzakelijk is.
Daarom wijst de kinderrechter het verzoek toe en wijzigt de machtiging tot uithuisplaatsing naar een gezinsgerichte voorziening voor de duur van de ondertoezichtstelling tot 19 september 2023. De beschikking is mondeling gegeven op 4 april 2023 en schriftelijk vastgesteld op 24 april 2023.
Uitkomst: De machtiging tot uithuisplaatsing wordt gewijzigd naar een gezinsgerichte voorziening voor de duur van de ondertoezichtstelling.