Verzoekers hebben een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Den Haag om aan Waal V.O.F. een vergunning te verlenen voor het realiseren van een bouwplaatsinrichting en het plaatsen van een directiekeet nabij Melkwegstraat/Saturnusstraat.
De voorzieningenrechter constateert dat de hinder die verzoekers ervaren door bouwverkeer het gevolg is van eerder verleende omgevingsvergunningen en verkeersbesluiten, waartegen geen bezwaar is gemaakt en die rechtsgeldig zijn. De weigeringsgrond in artikel 2:10, derde lid, APV ziet alleen op hinder door het plaatsen van de directiekeet en bouwplaatsinrichting zelf, maar er is geen sprake van blokkade van de weg.
Verder is in het besluit voorzien in compensatie van vijf parkeerplaatsen, en het ontbreken van compensatie voor tien andere parkeerplaatsen leidt niet tot onrechtmatigheid. Er is voldoende parkeergelegenheid in de omgeving en geen overwegend bezwaar uit oogpunt van hinder.
De voorzieningenrechter ziet daarom geen reden om de vergunning te schorsen en wijst het verzoek af. Tevens is gebleken dat partijen in gesprek zijn over een mogelijke oplossing van het parkeerprobleem, wat mogelijk een tijdelijke oplossing biedt in afwachting van de bezwaarprocedure.