ECLI:NL:RBDHA:2023:6165
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitzetting in vreemdelingenzaak
Verzoekster heeft een aanvraag gedaan om in Nederland te mogen verblijven, welke door de staatssecretaris op 2 augustus 2022 is afgewezen. Het daaropvolgende bezwaar werd op 9 januari 2023 niet-ontvankelijk verklaard. Verzoekster stelde beroep in bij de rechtbank en vroeg tegelijkertijd om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen zolang het beroep loopt.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting. Op dezelfde dag heeft de rechtbank in de bodemzaak het beroep van verzoekster ongegrond verklaard, waarmee het verzoek om voorlopige voorziening feitelijk overbodig werd.
Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening af en besloot geen proceskosten aan verzoekster toe te kennen. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het hoofdberoep ongegrond is verklaard.