Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiseres
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). De aanvraag werd ingediend op 14 april 2022, waarna de beslistermijn door verweerder werd verlengd tot zes maanden, met een uiterste beslisdatum van 14 oktober 2022. Deze termijn is echter verstreken zonder besluit.
Eiseres stelde verweerder op 31 oktober 2022 rechtsgeldig in gebreke en diende op 23 januari 2023 beroep in, wat tijdig was. De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk gegrond is en legt op grond van de Algemene wet bestuursrecht een termijn van twintig weken op waarbinnen verweerder alsnog een besluit moet nemen.
Daarnaast wordt een dwangsom van € 100 per dag opgelegd voor elke dag dat verweerder de termijn overschrijdt, met een maximum van € 7.500. Verweerder wordt tevens veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van € 1.442, de proceskosten van € 418,50 en het door eiseres betaalde griffierecht van € 184.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en legt een termijn van twintig weken op waarbinnen verweerder alsnog een besluit moet nemen, met oplegging van dwangsommen en veroordeling in proceskosten.