ECLI:NL:RBDHA:2023:6363
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Brief van DUO geen besluit; bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard
Eiseres maakte bezwaar tegen een brief van DUO van 5 juli 2022 waarin werd medegedeeld dat zij een boete zou krijgen, maar het bedrag voorlopig was vastgesteld op €1.250,-. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat de brief geen definitief besluit bevatte. De rechtbank onderzocht of de brief een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, Awb is.
De rechtbank constateerde dat de brief als vooraankondiging van een termijnoverschrijding was bedoeld en dat de boete nog niet definitief was vastgesteld. De formulering in de brief was ongelukkig en kan tot verwarring leiden, zoals ook de hoogste bestuursrechter eerder had geoordeeld over een vergelijkbare brief uit 2018. De context maakte echter duidelijk dat het om een voornemen ging en niet om een definitief besluit.
Daarom was het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard en het beroep ongegrond. Wel veroordeelde de rechtbank verweerder tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eiseres, omdat verweerder onvoldoende had toegelicht waarom de brief niet als besluit werd aangemerkt, terwijl de brief nog steeds tot verwarring kan leiden. De proceskosten werden vastgesteld op €1.674,-.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en veroordeelt verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.