Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam 1], verzoekster
, [naam 2]en
[naam 3].
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). Verweerder, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, heeft de Nederlandse ambassade te Ankara gemachtigd om de mvv te verlenen, waarna verzoekster haar beroep introk.
De rechtbank overweegt dat de beslistermijn van 90 dagen was verlengd met drie maanden, waardoor de termijn op 28 december 2022 verliep. De ingebrekestelling van verzoekster was prematuur en daarmee niet geldig. Hierdoor zou het beroep niet-ontvankelijk zijn verklaard als het niet was ingetrokken.
Omdat er geen ontvankelijk beroep was, is er geen sprake van geheel of gedeeltelijk tegemoetkomen aan verzoekster in de zin van artikel 8:75a Awb, zodat het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen. Wel wordt het verzoek om vrijstelling van griffierecht definitief toegewezen, omdat verzoekster aannemelijk heeft gemaakt aan de voorwaarden te voldoen.
Uitkomst: Het verzoek om vergoeding van proceskosten wordt afgewezen en de vrijstelling van griffierecht wordt definitief toegekend.