Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.VERENIGING NATIONALE BOND OVERHEIDSZAKEN te Den Haag,
[eiser sub 2]te [plaats 1] ,
[eiser sub 3]te [plaats 2] ,
1.[gedaagde sub 1] te [plaats 1] ,
[gedaagde sub 2]te [plaats 1] ,
[gedaagde sub 3]te [plaats 3] , gemeente [gemeente] ,
[gedaagde sub 4]te [plaats 4] ,
1.De procedure
3 januari 2023 verwezen naar Team Handel van deze rechtbank om daar op de rolzitting van 1 februari 2023 verder te procederen, vertegenwoordigd door een advocaat.
primairtot het aan hen verlenen van ontslag van instantie wegens het aan de zijde van eisers niet stellen van een advocaat (artikel 123 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering, hierna: Rv) en het niet tijdig betalen van het ten opzichte van de kantonzaken verhoogde griffierecht (artikel 127a Rv) en
subsidiairtot het nietig verklaren van de dagvaarding dan wel het niet-ontvankelijk verklaren van eisers in hun vorderingen, met veroordeling van eisers in de proceskosten.
Meer subsidiairhebben gedaagden de rechtbank verzocht hen in de gelegenheid te stellen tot het voeren van inhoudelijk verweer tegen de vorderingen van eisers.
2.De verdere beoordeling
[de rechtbank begrijpt: dienen]te verschijnen. Namens eisers wordt bezwaar gemaakt tegen deze verwijzing. (…)