ECLI:NL:RBDHA:2023:6895
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Somalische asielzoeker wegens ongeloofwaardigheid en onvoldoende risicoaantoon
Eiser, een Somalische asielzoeker, diende een opvolgende asielaanvraag in met het argument dat hij vanwege zijn clan en vermeende problemen met Al-Shabaab gevaar loopt bij terugkeer naar Somalië. De aanvraag werd afgewezen als kennelijk ongegrond. De rechtbank behandelde het beroep waarbij eiser niet aanwezig was.
De rechtbank oordeelde dat het verhaal van eiser over bedreiging door Al-Shabaab ongeloofwaardig is, mede omdat eerdere asielaanvragen op dat punt ook zijn afgewezen. De aangeleverde documenten en verklaringen maken niet aannemelijk dat eiser persoonlijk risico loopt op vervolging. Daarnaast faalde het beroep op het EUAA-rapport omdat eiser niet aannemelijk maakte dat hij geassocieerd wordt met de Somalische overheid.
Ook de bewering dat hij vanwege zijn clan, de Reer Hamar, risico loopt op discriminatie en vervolging werd verworpen. Het huidige asielbeleid erkent deze clan niet als kwetsbare minderheidsgroep. De rechtbank concludeerde dat de algemene onveiligheid in Somalië onvoldoende is om bescherming op grond van artikel 3 EVRM Pro te rechtvaardigen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardigheid en onvoldoende risicoaantoon.