ECLI:NL:RBDHA:2023:692
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening bij overdracht asielaanvraag naar Italië
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling te nemen omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag volgens de Dublin-verordening.
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen dit besluit en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met de hoofdzaak behandeld op 6 januari 2023, waarbij verzoeker niet is verschenen en de staatssecretaris zich liet vertegenwoordigen.
De rechtbank heeft op dezelfde dag uitspraak gedaan in de hoofdzaak en geoordeeld dat een voorlopige voorziening niet langer nodig is. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de overdracht van de asielaanvraag naar Italië wordt afgewezen.