ECLI:NL:RBDHA:2023:7070
Rechtbank Den Haag
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking beroep wegens ingewilligde asielaanvraag
Verzoeker heeft op 5 augustus 2022 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 29 september 2021. Tijdens de procedure heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bij besluit van 25 oktober 2022 de asielaanvraag alsnog ingewilligd. Hierdoor heeft verzoeker het beroep ingetrokken en een vergoeding van proceskosten gevorderd.
De rechtbank heeft verweerder in de gelegenheid gesteld om op dit verzoek te reageren, maar er is geen reactie ontvangen. Op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht heeft de rechtbank zonder zitting uitspraak gedaan over het verzoek.
De rechtbank oordeelt dat verweerder aan verzoeker is tegemoetgekomen door alsnog een besluit te nemen op de asielaanvraag, waardoor het verzoek om proceskostenvergoeding gegrond is. De proceskosten worden vastgesteld op €418,50, gebaseerd op de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand met een wegingsfactor van 0,5 vanwege de beperkte aard van het beroep.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van €418,50 aan proceskosten aan verzoeker.