ECLI:NL:RBDHA:2023:7357
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
Eiser, een Chinese vreemdeling, maakte bezwaar tegen het voortduren van de maatregel van bewaring die op grond van de Vreemdelingenwet 2000 was opgelegd. De rechtbank had deze maatregel reeds eerder getoetst en verklaard rechtmatig tot het moment van het sluiten van het onderzoek op 3 mei 2023.
Eiser stelde dat de staatssecretaris onvoldoende voortvarend handelde bij de uitzetting, met name omdat na melding van het bezit van zijn originele paspoort op 4 mei 2023 geen vlucht was geboekt. De staatssecretaris overlegde een voortgangsrapport waaruit bleek dat het paspoort op 9 mei 2023 was ontvangen en direct werd doorgezonden naar de afdeling boekingen, waarna op 10 mei 2023 een vlucht werd aangevraagd.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris voldoende voortvarend handelde en dat de maatregel van bewaring gedurende de te toetsen periode niet onrechtmatig was. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.