Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
8 mei 2023 heeft eiser van die mogelijkheid gebruik gemaakt.
Overwegingen
weergegeven – dat onvoldoende inzichtelijk is gemaakt dat deze omstandigheden een verlenging van de beslistermijn rechtvaardigen. Het gaat dan om de komst van vreemdelingen uit Oekraïne naar Nederland, om de komst van Afghaanse asielzoekers, om de onmogelijkheid om vanwege de covid-maatregelen Dublin-claimanten te kunnen overdragen aan de verantwoordelijke lidstaten en om de personeelscapaciteit bij verweerder. De rechtbank heeft verweerder verzocht op deze door zittingsplaats Amsterdam opgeworpen punten afzonderlijk een reactie te geven.
tegelijkingediende aanvragen en dus van een piek in de instroom, terwijl daarvan in de huidige situatie geen sprake is, slaagt niet. Naar het oordeel van de rechtbank volgt uit de Procedurerichtlijn [11] , waar deze bepaling op is gebaseerd, niet dat alleen bij een piek de beslistermijnen kunnen worden verlengd. Het gaat volgens artikel 31, derde lid, van de Procedurerichtlijn om de situatie dat de zorgvuldigheid van de beoordeling van de aanvragen vanwege een grote stijging in de werklast in het gedrang komt. Uit considerans 18 en artikel 31, tweede lid, van de Procedurerichtlijn kan worden afgeleid dat asielaanvragen in de eerste plaats behoorlijk en volledig moeten worden behandeld en daarna pas snel. In de Procedurerichtlijn wordt de duur van die behandeling wel begrensd tot 21 maanden. [12] De lezing van eiser zou betekenen dat een sterke stijging van de instroom over een wat langere periode, zonder dat de instroom op enig moment tijdens die periode weer ‘inzakt’, geen aanleiding zou kunnen vormen voor een verlenging van de beslistermijn op deze grond. Maar ook een dergelijke verhoging van de instroom kan leiden tot een grote stijging in de werklast, waardoor de zorgvuldigheid van de beoordeling van de aanvragen in het gedrang komt. De rechtbank volgt de lezing van eiser daarom niet.