Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser is op 20 april 2023 op Schiphol aangekomen en deed een asielaanvraag met een Keniaans paspoort, dat door het Bureau Falsificaten Schiphol als authentiek werd beoordeeld. Verweerder legde een vrijheidsontnemende maatregel op op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw), in het kader van het grensbewakingsbelang. Eiser stelde dat de maatregel onrechtmatig was omdat deze op een fictief persoon zou zien, maar de rechtbank stelde vast dat verweerder terecht uitging van de door eiser verstrekte gegevens.
Eiser voerde aan dat de bewaringsrechter ook de inhoudelijke asielbeschikking moest betrekken bij de beoordeling, maar de rechtbank volgde de vaste jurisprudentie dat de bewaringsrechter zich beperkt tot de rechtmatigheid van de vrijheidsontnemende maatregel en niet vooruitloopt op de asielprocedure. De rechtbank oordeelde dat de maatregel, met een duur van ongeveer een maand, rechtmatig was omdat de belangen van eiser niet opwogen tegen het zwaarwegende grensbewakingsbelang.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.