ECLI:NL:RBDHA:2023:7543
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling bestuursorgaan tot dwangsom wegens niet tijdig beslissen op mvv-aanvraag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn van 90 dagen is verstreken en dat eiseres rechtsgeldig ingebreke is gesteld. Het beroep is tijdig ingediend en kennelijk gegrond.
De rechtbank bepaalt dat verweerder binnen acht weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit moet nemen. Voor elke dag dat verweerder in gebreke blijft, wordt een dwangsom van €100 opgelegd, met een maximum van €7.500. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van €1.442 en de proceskosten van eiseres van €418,50, alsmede het griffierecht van €184.
De rechtbank volgt de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State omtrent redelijke termijnen voor besluitvorming en weegt zorgvuldigheid mee. Verweerder had om een termijn van acht weken verzocht in verband met een documentenonderzoek, welke de rechtbank niet onredelijk acht.
De uitspraak is gedaan door rechter W. Anker en griffier R. de Mul en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Eiseres kan binnen zes weken een verzetschrift indienen indien zij het niet eens is met deze uitspraak.
Uitkomst: Verweerder wordt opgedragen binnen acht weken alsnog een besluit te nemen en een dwangsom opgelegd bij overschrijding.