ECLI:NL:RBDHA:2023:7834
Rechtbank Den Haag
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen uitspraak inzake niet tijdig besluit Wet open overheid ongegrond verklaard
Opposante heeft op 1 februari 2023 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de minister van Algemene Zaken op haar verzoek om informatie op grond van de Wet open overheid. De rechtbank heeft op 29 maart 2023 het beroep gegrond verklaard en de minister opgedragen binnen zes weken een besluit te nemen, met een dwangsom bij overschrijding.
Tegen deze uitspraak heeft opposante op 31 maart 2023 verzet ingesteld en verzocht om een voorlopige voorziening. De rechtbank heeft het verzet inhoudelijk onderzocht en geoordeeld dat er geen nieuwe standpunten zijn ingebracht die niet reeds in de stukken waren meegenomen. Opposante betoogde dat de beslistermijn onterecht op zes weken was gesteld en dat de proceskosten te laag waren vastgesteld.
De rechtbank oordeelt dat het verzet ongegrond is omdat het belang van opposante bij een korte beslistermijn al in de procedure was meegenomen en een zitting geen meerwaarde zou hebben gehad. Ook de proceskostenveroordeling wordt niet herzien. De uitspraak van 29 maart 2023 blijft daarmee ongewijzigd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het verzet ongegrond en bevestigt de eerdere uitspraak met een beslistermijn van zes weken en proceskostenveroordeling van €418,50.