ECLI:NL:RBDHA:2023:8076
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen niet-ontvankelijkheid asielaanvraag
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit van 29 maart 2023 waarbij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de asielaanvraag van de verzoeker niet-ontvankelijk heeft verklaard. De verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tegelijkertijd de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan. Daarbij is overwogen dat in een parallelle procedure (zaaknummer NL23.10115) reeds uitspraak is gedaan op het beroep tegen het bestreden besluit.
Gezien deze omstandigheden wijst de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens is geoordeeld dat er geen aanleiding bestaat voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit de asielaanvraag niet-ontvankelijk te verklaren is afgewezen.