ECLI:NL:RBDHA:2023:8143
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens gelijktijdige uitspraak op samenhangend beroep
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn opvolgende asielaanvraag als kennelijk ongegrond af te wijzen en een inreisverbod van twee jaar op te leggen.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met het beroep op 31 mei 2023, waarbij verzoeker niet is verschenen. De staatssecretaris werd vertegenwoordigd door een gemachtigde. Na sluiting van het onderzoek werd op dezelfde dag uitspraak gedaan op het beroep.
Omdat de rechtbank gelijktijdig op het beroep heeft beslist, achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat gelijktijdig op het samenhangende beroep is beslist.