ECLI:NL:RBDHA:2023:8409
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens vertrek met onbekende bestemming in asielprocedure Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening.
De rechtbank heeft onderzocht of eiser nog procesbelang heeft, mede aan de hand van een melding van de Dienst Terugkeer en Vertrek dat eiser op 20 februari 2023 met onbekende bestemming is vertrokken. De gemachtigde van eiser gaf geen reactie op deze informatie en kon geen contact met eiser aantonen.
Volgens vaste rechtspraak geldt dat een vreemdeling die zonder mededeling vertrekt, in beginsel geen prijs meer stelt op bescherming in Nederland, tenzij contact met de gemachtigde wordt onderhouden. De rechtbank concludeert dat eiser geen rechtens te beschermen belang meer heeft en verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens vertrek met onbekende bestemming en gebrek aan procesbelang.