ECLI:NL:RBDHA:2023:8533
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten wegens overschrijding beslistermijn in vreemdelingenzaak
Verzoeker is op 29 augustus 2022 in beroep gegaan tegen de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid omdat deze niet tijdig had beslist op zijn aanvraag. Op 15 september 2022 heeft de Staatssecretaris alsnog een beslissing genomen, waarna verzoeker het beroep introk en vergoeding van proceskosten vorderde.
De rechtbank oordeelt dat verweerder de proceskosten moet vergoeden omdat de beslissing pas na het instellen van het beroep is genomen. Omdat verzoeker een professionele juridische hulpverlener inschakelde, wordt een vast bedrag toegekend. Vanwege het beperkte onderwerp van de procedure, namelijk de overschrijding van de beslistermijn, wordt een wegingsfactor van 0,5 toegepast.
De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van €418,50 aan proceskosten. Er zijn geen andere kosten vastgesteld die vergoed kunnen worden. De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter R.J.A. Schaaf op 8 mei 2023.
Uitkomst: De Staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van €418,50 aan proceskosten wegens overschrijding van de beslistermijn.