Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser diende op 23 juni 2021 een asielaanvraag in. Nederland verzocht op 27 juli 2021 Italië om eiser terug te nemen op grond van de Dublinverordening, welke fictief werd geaccepteerd op 28 september 2021. Op 15 maart 2022 werd door verweerder meegedeeld dat de asielaanvraag alsnog in de nationale procedure zou worden behandeld, waarmee de Dublinprocedure werd afgesloten.
De beslistermijn voor de asielaanvraag begon op 15 maart 2022 en liep tot 15 september 2022. Eiser stelde op 19 augustus 2022 een ingebrekestelling op, maar deze was prematuur omdat de beslistermijn nog niet verstreken was. Bij besluit van 17 januari 2023 werd de asielaanvraag van eiser ingewilligd.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tegen het niet-tijdig beslissen kennelijk niet-ontvankelijk is, omdat het beroep te vroeg is ingesteld. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet-tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege prematuur ingediende ingebrekestelling.