ECLI:NL:RBDHA:2023:8841
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Spanje op grond van Dublinverordening
Eiser, een Russische nationaliteit dragende asielzoeker, diende op 6 februari 2023 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris nam deze aanvraag niet in behandeling op grond van artikel 30 van Pro de Vreemdelingenwet, omdat Spanje volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. Spanje had aan eiser eerder een visum verstrekt dat geldig was van 18 januari tot 17 februari 2023, en stemde in met de overdracht.
Eiser voerde aan dat artikel 16 en Pro 17 van de Dublinverordening ten onrechte niet zijn toegepast, met het argument van bijzondere omstandigheden en onevenredige hardheid, onder meer vanwege zijn wens om bij zijn zus in Nederland te verblijven en het ontbreken van enige band met Spanje. De rechtbank oordeelde echter dat geen sprake is van een afhankelijkheidsrelatie zoals bedoeld in artikel 16, noch van bijzondere omstandigheden die overdracht aan Spanje onevenredig hard maken volgens artikel 17.
De rechtbank stelde vast dat de staatssecretaris zijn besluit voldoende had gemotiveerd, waarbij de persoonlijke omstandigheden van eiser niet als uitzonderlijk werden aangemerkt. Het beroep op een eerdere uitspraak en artikel 4:84 Awb Pro werd eveneens verworpen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag.