ECLI:NL:RBDHA:2023:8901
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- J. Boerlage - van den Bosch
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in asielzaak na afwijzing verblijfsvergunning
Verzoekers hebben een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd aangevraagd, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 23 maart 2023 is afgewezen als kennelijk ongegrond op grond van artikel 31, eerste lid, juncto artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder g, Vreemdelingenwet 2000. Tegen deze besluiten is beroep ingesteld en is tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft de verzoeken om voorlopige voorziening op 13 april 2023 behandeld, waarbij verzoekers en hun gemachtigde aanwezig waren, evenals de gemachtigde van verweerder en een tolk. Op dezelfde dag heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de hoofdzaken (zaaknummers NL23.9438, NL23.9420, NL23.9453, NL23.9428 en NL23.9456), waardoor een voorlopige voorziening niet langer nodig was.
De voorzieningenrechter heeft daarom de verzoeken om voorlopige voorziening afgewezen en geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door mr. J. Boerlage - van den Bosch en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan op de hoofdzaken.