Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser is op 11 november 2022 onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft het beroep inhoudelijk beoordeeld zonder zitting.
Eiser voerde aan dat er geen redelijk vooruitzicht op uitzetting naar Marokko bestaat, omdat de Marokkaanse autoriteiten niet tijdig hebben gereageerd op de aanvraag voor een laissez passer. Daarnaast stelde hij dat verweerder niet voortvarend heeft gehandeld bij de uitzettingsprocedure.
De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak waarin is vastgesteld dat de maatregel tot het sluiten van het onderzoek rechtmatig was. De rechtbank volgt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State die oordeelde dat het zicht op uitzetting naar Marokko in beginsel aanwezig is. De niet-reagerende houding van de Marokkaanse autoriteiten sluit niet uit dat alsnog een laissez passer wordt verstrekt. Verweerder heeft regelmatig contact onderhouden met de autoriteiten en met eiser.
De rechtbank is van oordeel dat de maatregel van bewaring rechtmatig blijft en verklaart het beroep ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding wordt eveneens afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.