ECLI:NL:RBDHA:2023:8939

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
15 juni 2023
Publicatiedatum
21 juni 2023
Zaaknummer
NL23.10753
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublin-verantwoordelijkheid Spanje

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 6 april 2023 waarbij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de asielaanvraag niet in behandeling heeft genomen, omdat Spanje verantwoordelijk wordt gehouden voor de behandeling van de aanvraag. Verzoeker heeft tevens een voorlopige voorziening gevraagd.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 31 mei 2023 behandeld. Verzoeker en zijn gemachtigde zijn niet verschenen, terwijl de gemachtigde van verweerder wel aanwezig was. Na de zitting is direct uitspraak gedaan.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaak, waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.10753
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam], verzoeker

V-nummer: 292.697.1062
(gemachtigde: mr. A.K.E. van den Heuvel),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. K. Bruin).

Procesverloop

Bij besluit van 6 april 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL23.10752, op 31 mei 2023 op zitting behandeld. Verzoeker en zijn gemachtigde zijn, met een voorafgaand bericht, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de voorzieningenrechter onmiddellijk ter zitting uitspraak gedaan.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.10752, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 31 mei 2023 door mr. K.M. de Jager, rechter, in aanwezigheid van mr. Ż.A. Meinert, griffier, en openbaar gemaakt door middel
van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.