ECLI:NL:RBDHA:2023:8943
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak Dublin-procedure
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen op grond van de Dublin-verordening, waarbij Bulgarije verantwoordelijk wordt gehouden voor de behandeling.
Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 6 juni 2023 samen met een andere zaak.
De voorzieningenrechter oordeelde dat nu de bodemzaak (zaaknummer NL23.14858) reeds is beslist, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is en wees het verzoek af. Daarnaast werd overwogen dat verzoeker geen afzonderlijke proceskostenvergoeding toekomt omdat deze reeds in een samenhangende zaak is toegekend.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter L.A. Banga op 14 juni 2023 en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de bodemzaak reeds is beslist.