ECLI:NL:RBDHA:2023:9182
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens verantwoordelijkheid Spanje
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit van 1 mei 2023 waarbij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van verzoeker tot een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling heeft genomen. Dit omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag. Verzoeker stelde beroep in en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan. Op dezelfde dag is door de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep in de hoofdzaak (zaaknummer NL23.13153). Hierdoor is een voorlopige voorziening niet langer nodig en wordt het verzoek afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter C.H. de Groot en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank al uitspraak heeft gedaan op het beroep.