De minderjarige kampt sinds jonge leeftijd met gedragsproblemen en ontwikkelingszorgen, verblijft sinds maart 2023 in een netwerkpleeggezin vanwege conflicten thuis. De Raad voor de Kinderbescherming verzoekt een ondertoezichtstelling voor een jaar en een machtiging tot uithuisplaatsing voor drie maanden.
De ouders zijn het niet eens met de plaatsing bij het huidige pleeggezin en betwisten de aanpak van de jeugdbeschermer. De moeder uit zorgen over de omgang van de minderjarige met zijn voetbalcoach en de wijze waarop het pleeggezin omgaat met zijn autisme en ADHD.
De kinderrechter constateert dat de situatie van de minderjarige ernstig is, met een verstoorde thuissituatie en een loyaliteitsconflict door de strijd tussen ouders, pleegouders en jeugdbeschermer. De ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing zijn noodzakelijk om zijn ontwikkeling te beschermen en de samenwerking te verbeteren.
De kinderrechter weegt mee dat de minderjarige rust vindt in het pleeggezin, positieve stappen maakt en zelf aangeeft daar te willen blijven. De systemische hulpverlening moet gericht zijn op herstel van het contact met ouders en veilige terugplaatsing. De beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.